Aan de slag

mijn zelfgeboekte celRare jongens die auteurs. Thomas Roosenboom met zijn konijn, Maarten ’t Hart met zijn damesjurken, Heleen van Rooijen met haar tietjes. Mijn tic is een onhandige, voor een werkende moeder met schrijfambities. Ik ben het type schrijvende kluizenaar.

Ik kan niet schrijven in het zolderkantoor waar ik als bedrijfsfilmer video’s monteer, met uitzicht op de wasmachine, de kampeerspullen en het oude speelgoed van de kinderen. Ik krijg geen letter op het scherm als ik over een paar uurtjes mijn gezicht weer op het schoolplein moet laten zien. Heel stom, maar als ik weet dat ik maar een paar uur tijd heb, ga ik die tijd besteden aan mijn professionele website, aan het archiveren van mijn filmpjes, of zelfs aan mijn administratie. Alles om maar niet dat geduldig wachtende document te hoeven openen.

ongestoord

Om ongestoord te kunnen schrijven moet ik me ook veel verder dan een klik van Facebook en Twitter bevinden. Liefst in de rimboe, waar ze nog nooit van social media hebben gehoord.  Ik ben al twee keer een weekendje zonder gezin in de Bed & Breakfast van mijn vader in België geweest. Verjaardagscadeau van mijn man en mijn vader. Gezellig. Maar niet heel rendabel wat betreft tijd. Het is in totaal bijna zes uur rijden om een paar uurtjes te schrijven. Want als ik daar ben, wil ik toch ook wel met mijn vader uit eten en komen er altijd wat buren langs om een handje te geven. Dus pak ik het deze keer rigoureuzer aan.

Ik heb een midweek geboekt in een appartementje op een groot bungalowpark in Zeeland. Helemaal alleen. Papa en opa en oma zorgen voor de kinderen. Ik voel me een egoïst als ik vertrek. En helemaal als ik op maandagmiddag bij de receptie van het park in de rij sta om in te checken. Om me heen zie ik alleen gezinnen met jonge kinderen en oudere echtparen. Ik ben jaloers en wil ook met mijn familie zwemmen, mosselen eten en wandelen langs het Grevelingenmeer.

opsluiten

Maar wie A zegt moet ook de rest van het alfabet in zijn laptop zetten. Dus sjouw ik mijn koffer mijn appartement in. Ik heb voor precies vijf dagen proviand bij me. In principe kan ik me de komende dagen opsluiten en doorschrijven tot ik erbij neerval. Ik richt minutieus mijn zelfgeboekte cel voor de komende dagen in. Je zou denken dat zoiets in een paar minuutjes gepiept is, maar ik blijk er bijna een uur over te kunnen doen om mijn tandenborstel, kleren, magnetronmaaltijden en aantekeningen op de juiste plek neer te leggen en alvast mijn bed op te maken. Hoezo uitstelgedrag?